Lopende honden en zweethonden — leven door de neus
Met 45 erkende rassen is dit een van de grootste FCI-groepen. Allemaal zijn het neushonden: ze gebruiken hun reukvermogen om wild op te sporen of te volgen. De Engelsen noemen ze "scenthounds", in tegenstelling tot de "sighthounds" (windhonden) die op zicht jagen. Een Bloedhond ruikt een kilometer ver een mensenspoor; een Beagle kan een konijntje volgen door een dichtbegroeid bos.
Kenmerkend zijn de hangoren (die helpen geuren naar de neus te wuiven), een vrij zware en duurzame bouw, en stem. Veel rassen in deze groep blaffen of "geven hals" tijdens het werk — een typerend lang, klagend geluid waarmee ze hun jagers laten weten waar ze zijn.
Eeuwenoude jachttraditie
De wortels van deze groep liggen in de Middeleeuwse Europese jachttraditie. Franse adel had hele meutes lopende honden, met romantische namen als Grand Bleu de Gascogne en Petit Basset Griffon Vendéen. De Engelsen ontwikkelden de Foxhound voor de iconische "fox hunting", de Beagle voor het haasje. In Duitsland en de Lage Landen ontstonden de zweethonden — gespecialiseerd in het volgen van bloedsporen van aangeschoten wild om hen op te sporen en uit hun lijden te verlossen.
De Basset Hound en de Bloedhound (St. Hubertushond) gaan terug op de fokprogramma's van Belgische monniken in de 7e eeuw. Hun extreem lange oren en uitgesproken huidplooien zijn niet decoratief — ze helpen geur richting de neus te concentreren.
Wat verwacht je van een neushond?
Beagles, Bassets en hun verwanten zijn over het algemeen vriendelijke, sociale honden die goed met andere honden en kinderen overweg kunnen. Maar zodra ze een geur oppikken, is alle gehoorzaamheid even uit het raam — hun neus neemt het over. Dit maakt offleash lopen riskant; de meeste eigenaren werken alleen onder strikte controle of in afgesloten gebieden.
De meeste lopende honden hebben veel beweging nodig (1,5–2 uur stevig per dag), zijn taai en gezond, en hebben een vrij lange levensduur (12–15 jaar). De hangoren vragen wel wekelijkse controle: warme, vochtige oorgangen zijn een voedingsbodem voor infectie. En een waarschuwing: deze honden hebben moeite met grenzen rond eten. Een Beagle die zijn voer uit de kast weet te halen — dat hoor je vaker.
Het bekendste gezicht
De Beagle is misschien wel de meest geliefde van de groep — Snoopy is er een van. De Basset Hound is de cartoon-favoriet met zijn lange oren en weemoedige blik. De Dalmatiër staat ook in deze groep, hoewel hij anders dan de meesten op zicht jaagt en historisch koetshond was. De Rhodesische Ridgeback werd in zuidelijk Afrika gefokt om leeuwen op te sporen.